Hoe werkt het WK darts?
Sets, legs en de kans op een stunt
128 spelers, zeven rondes en een finale over dertien sets. Het format is snel uitgelegd. Interessanter is wat het met de kansen doet: dezelfde partij kan in de eerste ronde een heel andere uitkomst hebben dan in de finale.
Een speler die 100 ratingpunten sterker is, wint volgens het model 53,8% van de legs. Over best of 5 sets wordt dat 63,7%, over best of 13 sets 70,4%. Het verschil tussen die twee getallen is de reden dat het WK darts in de eerste week zoveel stunts oplevert en in de laatste dagen veel minder.
In dit artikel
Het format in het kort
Het WK darts van de PDC begint op 11 december 2026 en eindigt op 3 januari 2027 met de finale in Alexandra Palace in Londen. Er doen 128 spelers mee en het is vanaf de eerste partij knock-out: wie verliest, ligt eruit. Zeven gewonnen partijen op rij maken je wereldkampioen.
Een partij wordt gespeeld in sets, een set in legs. Een leg is één spelletje 501 naar nul, uitgegooid op een dubbel. Een set is best of 5 legs: wie als eerste drie legs wint, heeft de set. Alleen in de beslissende set van een partij geldt een uitzondering: daar moet je met twee legs verschil winnen, en bij 5-5 beslist één laatste leg.
Per ronde wordt de afstand langer. De eerste twee rondes gaan over best of 5 sets, de derde en vierde ronde over best of 7, de kwartfinale over best of 9, de halve finale over best of 11 en de finale over best of 13 sets. Sinds het veld van 96 naar 128 spelers groeide, spelen ook de 32 geplaatste spelers al in de eerste ronde. De volledige tabel met het aantal spelers per ronde staat op de hoofdpagina over het WK darts.
Reken het om naar legs
In de eerste ronde heb je drie sets van drie legs nodig: minimaal 9 gewonnen legs. In de finale zijn het zeven sets: minimaal 21 legs. De finale is dus ruim twee keer zo lang als een eerste-rondepartij, en dat is precies wat de kansen verschuift.
Van leg naar set naar partij
Het darts-model achter de titelkansen per speler begint bij de kleinste eenheid: de leg. Elke speler heeft een rating uit ruim 20.000 officiële PDC-partijen. Het verschil in rating bepaalt de kans dat de sterkere speler een leg wint. Die vertaling is gefit op echte uitslagen en komt neer op een vaste factor: elke 100 ratingpunten verschil schuiven de kans per leg een paar procentpunt op. Hoe de rating zelf ontstaat, staat in de uitleg van de titelkansberekening.
Een paar procentpunt per leg lijkt weinig. Maar een set is een race naar drie legs en een partij een race naar drie, vier of zeven sets. Bij elke stap groeit het voordeel van de sterkere speler:
| Verschil in rating | Leg | Set | Best of 5 sets | Best of 9 sets | Best of 13 sets |
|---|---|---|---|---|---|
| 50 punten | 51,9% | 53,6% | 57,0% | 59,0% | 60,6% |
| 100 punten | 53,8% | 57,2% | 63,7% | 67,5% | 70,4% |
| 200 punten | 57,6% | 64,1% | 75,8% | 81,7% | 85,8% |
| 300 punten | 61,3% | 70,5% | 85,2% | 91,2% | 94,5% |
Winkans van de sterkere speler. Legmodel uit het darts-model (stand 10 september 2026), set als race naar drie legs, beslissende set met twee legs verschil. Bron: eigen berekening.
Lees de rij van 200 punten. Per leg is het bijna een muntworp: 57,6%. Per set wordt het 64,1%. Over een eerste-rondepartij 75,8%, over een finale 85,8%. Het niveauverschil blijft gelijk, alleen de lengte verandert.
Er is een handige vuistregel uit te halen. Een partij over best of 13 sets geeft de favoriet ongeveer dezelfde winkans als een partij over best of 5 sets met de helft meer ratingverschil. 100 punten in de finale (70,4%) voelt als ruim 150 punten in de eerste ronde, en 200 punten in de finale (85,8%) als ruim 300 in de eerste ronde.
Dezelfde partij, een andere lengte
Dan met echte namen. De tabel zet vier denkbeeldige duels naast elkaar, met de ratings van het model, en laat zien hoe vaak de minder sterke speler wint bij elke afstand die op het WK voorkomt. Het zijn geen geplande partijen: de loting is er nog niet. Het gaat om het effect van de lengte.
| Favoriet tegen underdog | Verschil | Bo5 | Bo7 | Bo9 | Bo11 | Bo13 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Michael van Gerwen tegen Niko Springer | 110 | 35,0% | 32,8% | 30,9% | 29,2% | 27,8% |
| Luke Littler tegen Luke Humphries | 130 | 32,4% | 29,9% | 27,7% | 25,9% | 24,2% |
| Luke Humphries tegen Joe Cullen | 262 | 18,0% | 14,6% | 11,9% | 9,8% | 8,1% |
| Luke Littler tegen Ritchie Edhouse | 487 | 4,7% | 2,6% | 1,5% | 0,9% | 0,5% |
Kans dat de underdog wint, per afstand in sets (Bo5 = best of 5 sets). Ratings uit het darts-model, stand 10 september 2026. Bron: eigen berekening.
Twee dingen vallen op. Ten eerste: bij een klein verschil verandert de lengte weinig. Niko Springer houdt tegen Michael van Gerwen over elke afstand tussen een kwart en een derde kans. Een partij tussen twee spelers van vergelijkbaar niveau blijft open, hoe lang hij ook duurt.
Ten tweede: hoe groter het verschil, hoe harder de korte partij de underdog helpt. Joe Cullen heeft tegen Luke Humphries over vijf sets 18,0% kans en over dertien sets 8,1%, ruim twee keer zo weinig. Ritchie Edhouse heeft tegen Luke Littler over vijf sets 4,7% en over dertien sets 0,5%, bijna tien keer zo weinig. Bij zo'n groot verschil is een stunt in de eerste ronde al zeldzaam, en in de finale bijna uitgesloten.
Waarom korte partijen grilliger zijn
Over negen legs kan een paar goede beurten van de underdog of een paar gemiste dubbels van de favoriet de doorslag geven. Over 21 legs of meer middelt dat uit en wint vaker de speler die gemiddeld beter gooit. Het is dezelfde reden waarom één worp met een dobbelsteen weinig zegt en honderd worpen veel.
Een stunt is dus geen toeval dat je niet kunt plaatsen, maar een kans die je kunt uitrekenen. Welke stunts het WK in het verleden opleverde en wat ze gemeen hadden, staat in de grootste verrassingen op het WK darts.
Wat het format met het hele toernooi doet
Je kunt hetzelfde experiment op het hele toernooi loslaten. Het model speelde het WK met het huidige veld 40.000 keer na, in drie versies: met het echte format, met alle rondes over best of 13 sets en met alle rondes over best of 5 sets. De spelers en ratings zijn steeds gelijk, alleen de lengte van de partijen verschilt.
| Format | Titelkans Luke Littler | Van de top 32 uit in ronde 1 | Van de top 8 uit in ronde 1 |
|---|---|---|---|
| Alles best of 5 sets | 39,5% | 9,0 | 1,4 |
| Echt format (5, 5, 7, 7, 9, 11, 13) | 52,8% | 9,0 | 1,4 |
| Alles best of 13 sets | 62,4% | 6,2 | 0,7 |
Top 32 en top 8 op modelrating; aantallen zijn gemiddelden over 40.000 gesimuleerde toernooien. Stand 10 september 2026. Bron: eigen model.
Met het echte format verliezen van de 32 sterkste spelers er gemiddeld 9,0 in de eerste ronde, en van de acht sterkste gemiddeld 1,4. Zou de eerste ronde net zo lang zijn als de finale, dan waren het er 6,2 en 0,7. De korte start kost de topspelers dus gemiddeld bijna drie extra plekken in de laatste 64.
Bij de titel werkt het andersom. Luke Littler is volgens het model een duidelijke klasse beter dan de rest, en elke langere ronde beschermt hem. Met het echte format wint hij 52,8% van de toernooien. Zou elk duel over vijf sets gaan, dan was het 39,5%; zou elk duel over dertien sets gaan, dan 62,4%. Het oplopende format van het WK zit daar tussenin: grillig aan het begin, streng aan het eind.
Wat je ermee doet in je poule
Het format is geen weetje: het bepaalt waar je risico neemt. Voorspel je per partij wie doorgaat, of kies je spelers die per overleefde ronde punten opleveren, dan helpt het om de rondes verschillend te behandelen.
Vijf regels voor het WK-format
- 1.Reken in de eerste twee rondes op uitvallers: gemiddeld sneuvelen er 9 van de 32 sterkste spelers in ronde 1. Een formulier waarop elke favoriet doorgaat, klopt bijna nooit.
- 2.Kies je stunt bij een klein verschil: tussen twee spelers van vergelijkbaar niveau is de uitkomst over vijf sets open. Een stunt op een groot verschil gokken is meestal verlies.
- 3.Vertrouw de favoriet meer naarmate het toernooi vordert: hetzelfde ratingverschil is in de finale ongeveer de helft meer waard dan in de eerste ronde.
- 4.Lees een titelkans als het product van zeven rondes: wie de eerste twee korte partijen overleeft, krijgt daarna een format dat in zijn voordeel werkt.
- 5.Wacht op de loting als het kan: pas dan weet je welke eerste-rondepartijen een groot verschil hebben en welke dicht bij elkaar liggen.
Hoe je de kansen per ronde omrekent naar verwachte punten en wanneer je van de massa afwijkt, staat in titelkans en rondekansen in je darts-poule. Voor de strategie per type poule kun je terecht bij de pouletips voor het WK darts.